Aloha Kaua’i!

posted in: Blogs, Hawai'i | 3

Hawai’i, een groep eilanden, behorend bij Amerika, waar veel mensen een ander beeld van zullen hebben dan hoe het werkelijk is. Natuurlijk, het zijn eilanden, dus je hebt er (super)mooie stranden, je kunt er goed surfen, duiken en snorkelen, en het is over het algemeen lekker weer. Maar Hawai’i heeft ook nog zoveel méér. Het is vulkanisch gebied, en er liggen dus ook meerdere vulkanen, verspreid over de eilanden, waarvan de hoogste op meer dan 4200m ligt. Het was precies die combinatie wat ons erin aantrok.

We begonnen onze reis met een week op een van de kleinste eilanden: Kaua’i. Met een klein uurtje rijden ben je van de ene naar de andere kant gereden, maar ondanks de kleine omvang is de diversiteit er enorm! Aan de rand van het eiland in het noorden, oosten en zuiden heb je de kustplaatjes en mooie stranden, met ofwel hele hoge golven die fantastisch schijnen te zijn om te surfen (misschien ook ooit nog maar eens gaan leren..) of de beschutte baaitjes waar je goed kunt snorkelen en/of duiken (hebben wij op dit eiland overigens niet gedaan). Binnenin heb je de heuvels en gebergten, met aan de westkant Waimea Canyon (ook wel de Grand Canyon van de Pacific genoemd) en de bijzondere Na Pali kustlijn, waar je vanaf Koke’e National Park (gelegen op zo’n 1200m hoogte) een schitterend uitzicht op hebt. Voor de filmliefhebbers: Jurassic Park is hier opgenomen.

Op het meest noordelijke punt van het eiland, bij Kilauea, staat een mooie vuurtoren, waar vogelliefhebbers hun hart kunnen ophalen. We zagen er veel vogels die we ook op de Galápagoseilanden hadden gezien, zoals de albatros, de red footed booby en de fregatvogel.

Gezien de totaal op hol geslagen hotel en B&B prijzen hebben we voornamelijk gekampeerd, waarbij de campings over het algemeen direct aan het strand liggen. Luxe is het zeker niet (geen warm water, of andere faciliteiten), maar dat heb je er graag voor over om met uitzicht op zee en een lekker briesje wakker te worden. Alleen jammer dat de hanen al zo vroeg beginnen te kraaien, maar ja. Het stikt op dit eiland namelijk van de kippen en hanen (geen idee waarom).

Een week vóór wij vertrokken heeft het op Kaua’i zó hard en veel geregend (in 24 uur meer regen dan in Londen in een heel jaar!) dat er in het noordwesten allemaal overstromingen waren. Hierdoor is een (klein) deel van het eiland momenteel onbereikbaar, en zijn er helaas ook een aantal hiking trails langs de Na Pali kust onbegaanbaar. Gelukkig kon je wel nog wandelen in Koke’e National Park, waar we een nachtje gekampeerd hebben, om vervolgens een dagwandeling te maken over een aantal bergkammen, waar je op het uiteinde een supermooi uitzicht hebt over de Na Pali kustlijn. Om daar te komen reden we over de bergweg omhoog, met eerst aan onze linkerzijde Waimea Canyon (met om de kilometer een uitzichtspunt, het ene nog mooier dan het andere), en daarna aan de rechterzijde Koke’e NP en de Na Pali kust, met wederom mooie uitzichtspunten.

Ook langs de kustweg heb je continu mooie uitzichten, en alleen al het rijden over het eiland (met The Beach Boys aan :)) was een genot op zich. Een heerlijke plek om lekker te genieten van de natuur dus! Qua eten zijn ze hier heel erg van de Poké bowls: rijst met o.a. in sojasaus en sesamolie gemarineerde rauwe vis. Eén van de vele Japanse invloeden hier. Erg lekker!

Inmiddels zijn we aangekomen op Hawai’i (ook wel Big Island, waar de eilandengroep naar vernoemd is). Nog ruim twee weken en twee eilanden te gaan. To be continued…

3 Responses

  1. Marjolijn Gelauff

    fijn, ben ik weer op de hoogte en ja, wéér mooi die foto’s!

Leave a Reply